De snelheid van technologische ontwikkelingen moet niet worden onderschat. Met name de capaciteit en oplaadsnelheid van accu's zijn in de afgelopen jaren steeds verder verbeterd. De hoge investeringskosten voor accu's en oplaadstructuur zullen de verspreiding in de praktijk vooralsnog vertragen, maar financiële stimulansen en het gebruik van goedkope, zelfgeproduceerde stroom kunnen ervoor zorgen dat een dergelijke investering na een aantal jaren lonend is. Op dit moment zou een agrariër echter 40.000 euro moeten investeren in een eigen oplaadinfrastructuur.
2. Waterstofaandrijving
Op dit moment is het gebruik van waterstof met brandstofcellen als alternatieve aandrijving voor de landbouw onrealistisch. Landbouwmachines vereisen veel vermogen in heel korte tijd, waarvoor brandstofcellen niet geschikt zijn. Het gebruik van waterstofverbrandingsmotoren zou in de toekomst echter wel mogelijk zijn. Anders dan bij een elektrische aandrijving heeft een dergelijke motor het voordeel dat de gebruikelijke aandrijflijn van landbouwmachines in essentie behouden zou kunnen worden, ook als er een ander type motor wordt ingebouwd. Het meevoeren van waterstof vergt echter een tien keer zo groot tankvolume in vergelijking met een huidige brandstoftank, of er zou heel vaak moeten worden bijgetankt. Kortom, de extra vereiste ruimte zou de huidige machinearchitectuur volledig wijzigen. De infrastructuur en logistiek voor waterstof zorgt voor verdere uitdagingen. Een eigen waterstoftankstation bouwen is buitensporig duur. Op dit moment zou een landbouwbedrijf zo'n 800.000 euro moeten investeren. Bovendien zou nieuwe waterstof, in tegenstelling tot stroom uit een stopcontact, heel vaak op de boerderij moeten worden afgeleverd.









